Stap opzij

Turken verenigen zich meer dan Marokkanen. Je kunt spreken van een hechte, Turkse gemeenschap. Ze veroorzaken in vergelijking met Marokkanen weinig tot geen problemen. En in Nederland schenken wij (etnische) groepen die geen problemen veroorzaken, geen aandacht. Zolang ze ons als samenleving maar met rust laten. Volgens een recent gepresenteerd manifest van Turkse professionals is het binnenkort gedaan met die rust. Turkse jongeren sluiten zich af voor de Nederlandse samenleving, richten zich op Turkije en dreigen te radicaliseren. Het verharde politieke klimaat, de vooroordelen waarmee ze te maken krijgen en de discriminatie op de arbeidsmarkt dwingt hen in een isolement. De overheid en de politiek moeten in actie komen om erger te voorkomen.

Turkse jongeren die activiteiten ontplooien, doen dat vaak in een Turkse vereniging. Dit geldt zowel voor de laag- als ook de hoogopgeleiden. Volgens Zihni Özdil, universitair docent aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, staan specifieke activiteiten voor Turkse jongeren hun integratie juist in de weg.

Op zich is er niets mis met een eigen vereniging. Dat kan een springplank zijn voor de participatie naar de algemene Nederlandse verenigingen. Een goed historisch voorbeeld is de emancipatie van Nederlandse vrouwen. Zich in veilige setting met elkaar ontplooien en emanciperen, pas daarna in vakbonden en politieke partijen. Zo kan een Turkse studentenvereniging opkomen voor de ‘specifieke’ belangen van Turkse studenten en tegelijkertijd samenwerken met de bestaande studentenverenigingen voor de gedeelde belangen van alle studenten. Als die Turkse vereniging alleen maar activiteiten ontplooit om de Turkse identiteit hoog in het vaandel te houden, zich met de Turkse politiek bezig te houden, kortom zich op Turkije te richten is dat zeker een zorgwekkende zaak. Het blijft niet eens bij één Turkse studentenvereniging. Zo zijn er progressief georiënteerde of meer religieusgeoriënteerde Turkse verenigingen naast elkaar.

De positie van Turkse jongeren is dus zorgwekkend. De schuldvraag is niet relevant. Oplossingen en begrip voor elkaar wel. Isoleren zij zichzelf, nadat ze worden uitgesloten? Vast. Het is een feit dat hier geboren en getogen Turkse kinderen nauwelijks contact hebben met Nederlandse leeftijdgenoten. Dat wordt in het studenten -, sportieve – en werkzame leven voortgezet. Het gebrek aan contact komt van beide kanten. Verwijten heeft geen zin. Turken en hun kinderen moeten zich ondanks het negatieve politieke klimaat, primair op Nederland en de Nederlandse taal en cultuur richten. Dat is beter voor hen en beter voor Nederland. Er is niets mis met bicultureel en meertalig zijn; in economische, maatschappelijke en psychologische zin is het zelfs verstandig en winstgevend en uit ervaring weet ik: verrukkelijk. Maar je hebt niets aan tweetaligheid of biculturaliteit als dat ten koste gaat van de taal en cultuur waarin je leeft. 

En wat kan ‘Nederland’ doen? Zich bekommeren om de achterstandspositie van alle burgers en de achterliggende oorzaken serieus nemen. Ook als ze géén problemen veroorzaken.

Er wordt bij u aangebeld, u doet open. U zegt welgemeend: “Kom binnen.” U blijft echter voor de deuropening staan en doet geen enkele stap opzij. U maakt geen ruimte. Vervolgens verwijt ú die gast dat hij  buiten blijft.

(Eerder verschenen in de Telegraaf 14 januari 2011)

Deel Dit