Boetes helpen

Een Turkse maatschappelijke werker bekent hoe hij in de tachtiger jaren het verder studeren van Turkse dochters afdwong wanneer de vaders in zijn spreekuur om hulp kwamen vragen.

“Maar uw dochter is leerplichtig. Als ze stopt met school krijgt u hoge boetes.”

“Maar uw Nederlandse collega vertelde mij dat ik geen boete krijg als u een brief schrijft. De inspecteur geeft dan ontheffing, vrijstelling of zo, bij sommige omstandigheden.”

“En wat zijn uw omstandigheden?”

“Mijn vrouw is ziek, ik werk en we hebben nog drie kleine kinderen. Mijn dochter móet haar moeder helpen.”

“Ik begrijp het, maar nogmaals ik weet niet of de inspecteur dit argument zwaarwegend genoeg vindt.”

“Daarom mag u van mij schrijven wat u denkt dat de inspecteur wil horen. U kent onze cultuur. Alstublieft, ik smeek u, help ons. Al is het maar tot de zomer. Na de zomervakantie kan ik altijd zeggen dat mijn dochter in Turkije is gebleven.”

De maatschappelijke werker vraagt de cliënt volgende week terug te komen en belooft dat hij zal doen wat hij kan.

De man is nog niet weg of de maatschappelijke werker belt persoonlijk de inspecteur van onderwijs op:

“We hebben weer zo een geval. Wil je deze week nog een dreigbrief naar dat adres te sturen? En dat als het schoolverzuim van zijn dochter doorgaat hij een bezoek van de inspecteur kan verwachten én een fikse geldboete. Vermeld alsjeblieft de hoogte van de boetes.”

Volgens de een heeft deze hulpverlener tientallen Turkse meisjes een (goede) toekomst gegeven, anderen (met name de autochtonen) vinden dit paternalistisch en bevoogdend maar ook onrechtmatig. De cliënt is immers niet op zijn rechten gewezen. En bovendien is de meisjes ook niets gevraagd. Wilden zij dit wel? Maar de Turkse maatschappelijke werker is overtuigd dat hij handelde in het belang van de meisjes van 14 tot 18 jaar. Hij gelooft in emancipatie via onderwijs en daar heeft op termijn het hele gezin wat aan.

Boetes helpen soms. Niet leuk, al helemaal niet opvoedend maar soms wel effectief. Nederlanders houden niet van bevoogding. Het opgeheven vingertje is een bekend Nederlands kenmerk en we gebruiken die hefvinger graag, maar wel tegenover de ander.

We zijn niet gediend van vingers die onze richting wijzen. Er is wel een controverse tussen de burgerlijke gehoorzaamheid van Nederlanders en de wens alles zelf te willen bepalen. “Ik kan toch zelf wel bepalen wat goed voor me is? Het is toch mijn leven, mijn kind, mijn gezondheid, ….”

Het kunnen dragen van eigen verantwoordelijkheid wordt, kortom schromelijk overschat.

Praat ik hiermee de aangekondigde verhoging van boetes goed? Geenszins. Achter deze boetes zit geen liefde, noch betrokkenheid van de boetegever. Met ruim twee decennia gedogen en niet handhaven zijn we nu de samenleving die we zijn. Niet boetes maar mentaliteitsverandering is nodig om wild plassen, graffiti spuiten, afval gooien op straat, burengerucht, onverantwoordelijk auto rijden, tegen te gaan. Korte persoonlijke lijntjes en snelle uitvoering is één van de sleutels. Die Turkse hulpverlener bofte met zijn Nederlandse inspecteur. Ik hoop die meiden ook.

Oorspronkelijk verschenen in de Telegraaf op 17 september 2010 .

Deel Dit